03/04/2026

De politierechtbank Leuven heeft op donderdag 2 april 2026 een beklaagde schuldig bevonden aan een zwaar verkeersongeval met een bromfietser, dat plaatsvond op 13 oktober 2021 te Tienen. De beklaagde reed als bestuurder van een bestelwagen een bromfietser aan op het fietspad. Het slachtoffer zou meer dan een jaar na de feiten overlijden. De politierechtbank besluit dat de beklaagde met het ongeval onherstelbaar leed heeft veroorzaakt, terwijl dit vermeden had kunnen worden.

 

Feiten

Op woensdag 13 oktober 2021 om 10.52 uur vond op de Sint‑Truidensesteenweg in Tienen een aanrijding plaats tussen een kleine bestelwagen en een bromfiets.

De bestuurder van de bestelwagen sloeg rechtsaf om de inrit van een tankstation op te rijden. Daarbij stak hij het rechterfietspad over. De bromfietser reed in dezelfde richting op het fietspad met een snelheid van ongeveer 34–40 km/u. De bestelwagen reed vlak voor de botsing tussen 35 en 39 km/u.

Hoewel de bromfietser op het moment van de botsing een helm droeg, raakte hij ernstig gewond en werd hij met levensgevaar naar het ziekenhuis gebracht. Het slachtoffer overleed meer dan een jaar later, op 3 december 2022.

Na het ongeval blies de bestuurder van de bestelwagen negatief bij een ademtest. 

Op 30 november 2024 stelde de rechtbank een arts‑deskundige aan die het oorzakelijk verband tussen de verwondingen bij het ongeval en het latere overlijden onderzocht. Deze deskundige bevestigde dat verband. Naar aanleiding van deze vaststelling herkwalificeerde de rechtbank nadien de tenlastelegging A naar het onopzettelijk veroorzaken van een dodelijk ongeval.

Oordeel van de rechtbank

De politierechtbank heeft de beklaagde schuldig bevonden aan de volgende vijf strafbare feiten:

  • Tenlastelegging A: het onopzettelijk veroorzaken van een dodelijk ongeval door een gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg.

  • Tenlastelegging B: als bestuurder van een voertuig een fietser in gevaar brengen.

  • Tenlastelegging C: het niet verlenen van voorrang aan weggebruikers die gebruikmaken van het fietspad.

  • Tenlastelegging D: als bestuurder die wil afslaan nalaten zich vooraf ervan te vergewissen dat dit zonder gevaar voor andere weggebruikers kon.

  • Tenlastelegging E: als bestuurder die van richting verandert nalaten voorrang te verlenen aan bestuurders die andere delen van dezelfde openbare weg volgen.

 

Uitspraak op strafgebied

De politierechtbank legt de beklaagde voor de bewezen feiten A, B, C, D en E de volgende straffen op:

  • een gevangenisstraf van 3 maanden met uitstel gedurende een periode van 3 jaar;

  • een geldboete van 1.600 euro, waarvan de helft met uitstel gedurende een periode van 3 jaar;

  • een rijverbod van 3 maanden voor alle motorvoertuigen. Het recht om opnieuw te mogen rijden hangt af van het slagen voor een theoretisch examen, een praktisch examen, een medisch onderzoek en een psychologisch onderzoek.

 

Uitspraak op burgerlijk gebied

De politierechtbank kent de burgerlijke partijen, in hun hoedanigheid als nabestaanden, een schadevergoeding toe van in totaal 84.370,11 euro.

 

Motivering rechtbank

Het gaat volgens de politierechtbank om een ongeval dat bijzonder zware gevolgen heeft, zowel voor de beklaagde als vooral voor de familie van het slachtoffer. Door een moment van onvoorzichtigheid van de beklaagde is een leven verloren gegaan. De beklaagde heeft met het ongeval onherstelbaar leed veroorzaakt, terwijl dit vermeden had kunnen worden. De politierechtbank is van oordeel dat opschorting van straf in deze omstandigheden daarom niet op zijn plaats is.